Drugsverslaafde Jose: ‘Ik dank God voor elke dag dat ik leef’

“Ik dank God voor elke dag dat ik leef.” De betekenis van de woorden van Jose de Castro dringen pas later tot me door. Samen met een groep ondernemers die betrokken zijn bij het werk van Bible League bezoeken we een project voor straatkinderen. In een arme buitenwijk van Maputo, de hoofdstad van Mozambique ontmoeten we Jose. Hij is de coördinator. Zijn passie voor straatkinderen komt voort uit zijn eigen heftige verleden.

“Ik groeide op in een christelijk gezin en besloot al op zeer jonge leeftijd dat ik Jezus Christus wilde volgen. Maar toen ik elf jaar was, gingen mijn ouders scheiden en nam mijn leven een heel andere wending. Op mijn veertiende begon ik drugs te gebruiken. Mijn schoolresultaten gingen hard achteruit en ik wilde niets meer met de kerk of God te maken hebben. In mijn optiek waren die slechte dingen me overkomen, omdat God me had verlaten.”

Spijt

“Steeds vaker was ik bij vrienden die veel drugs gebruikten en koos ik ervoor om niet naar huis te gaan, maar bij hen te blijven. Ik genoot van de vrijheid en was in het begin blij met mijn keuze. Naar mate de tijd vorderde begon ik spijt te krijgen, maar toen was het te laat. Ik was al van school gegaan, was een dief geworden en loog tegen iedereen om maar aan drugs te kunnen komen.

Die ‘koning’ van mijn leven leek eerst goed voor me te zijn, maar na een tijdje was ik het zat.” Jose ziet veel van zijn vrienden wegvallen. Sommigen zitten jarenlange straffen uit in de gevangenis, anderen overlijden door een overdosis of worden vermoord.

Ten einde raad

Dan komt Jose iemand tegen die hij van vroeger kent. Die brengt hem in contact met een project dat Remar heet. Jose is ten einde raad en loopt er binnen. “Daar werd ik liefdevol opgevangen. Er werd voor me gezorgd, er was duidelijkheid en ik hoorde het Evangelie.” Hoewel Jose van de straat is, heeft hij nog wel te maken met de gevolgen van zijn drugsleven. Tijdens het afkicken belandt hij in het ziekenhuis. Hij blijkt zo veel longschade te hebben, dat artsen niet begrijpen dat zijn lichaam nog functioneert.

God heeft mij gespaard

“Achteraf geloof ik dat God mij gespaard heeft en dat Hij een roeping voor me had. Toen ik bij Remar kwam, was ik er slecht aan toe. Fysiek, maar vooral geestelijk. Ik leefde in duisternis en moest gered worden. Ik kwam er in aanraking met Project Filippus. Daar begon mijn echte verandering. Ik kwam tot levend geloof, ben inmiddels tien jaar clean en zet me in voor jongeren zoals ik! Ook ben ik getrouwd met een christelijke vrouw. Zij steunt me enorm en ik voel dat ik echt een nieuwe creatie ben in Christus. Ik wil alleen nog maar voor Hem leven. Ik heb zelf meegemaakt wat die jongeren meemaken. Ik heb gezien hoe God mijn leven heeft veranderd en dat gun ik hen ook allemaal.”

Jongeren bereiken

“De jongens waarmee ik op straat leefde zijn dood of zitten in de gevangenis lange straffen uit. Ik besef maar al te goed hoe bijzonder het is hoe mijn leven er vandaag de dag uitziet, zeker nu ik weet hoe mijn longen eraan toe waren. Ik dank God elke dag dat ik wakker word, omdat het een wonder is dat ik leef. En elke dag wil ik me inzetten voor Zijn Koninkrijk, om jongeren die nog in duisternis leven te bereiken. Ik heb aan den lijve ondervonden dat Jezus de echte Koning van mijn leven is en dat het geweldig is om Hem te dienen. Daar zet ik me volledig voor in. Juist voor hen die Hem nog niet kennen en nog in duisternis leven. Ook hen willen we bereiken, want ook zij moeten het Evangelie horen.”

Help je Jose mee?

Meer informatie: www.bibleleague.nl
Auteur: Aida Lasschuit
Foto’s: Bible League

NederlandsWeekblad.nl maakt gebruik van cookies