Tijdens het notaoverleg van maandag 26 januari werd het Meerjarenplan Infrastructuur, Ruimte en Transport besproken. Namens de SGP nam Chris Stoffer deel aan dit overleg. Tijdens zijn bijdrage ging hij onder andere in op spoorwegen, knooppunten en de woningbouw. Slimme keuzes zijn nodig! De inbreng van Stoffer is hieronder te lezen.
Instandhouding
De instandhoudingsopgave is een race tegen de klok. Naast extra geld zijn ook slimme keuzes nodig. In dit verband een vraag: We kunnen honderden miljoenen euro’s besparen door risicogericht te werken met behulp van sensoren, data en modellen , zoals experts aangeven. Als ik vraag: ‘wordt hier maximaal op ingezet‘, dan zal het antwoord vast ‘ja’ zijn. Daarom vraag ik: hoe wordt deze aanpak zodanig verankerd in de organisatie dat deze kansen ook echt gepakt worden?
Dank voor de brief over het meerjarenplan instandhouding. Het gaat mij erom dat voor aannemersbedrijven tien jaar of verder vooruit duidelijk is welke projecten op de markt zullen gaan komen, zodat ze hierop in kunnen spelen. En voor ons als Kamer is het goed om inzicht te hebben in de concrete investeringsopgave op langere termijn. Volgens mij vinden we elkaar in de wens om bij de jaarlijkse actualisering van het meerjarenplan zover mogelijk vooruit te laten kijken.
Indexering
De indexering van Rijksbijdragen aan projecten vindt plaats aan de hand van de generieke Index Bruto Overheidsinvesteringen. De praktijk leert dat de bouwkosten sneller stijgen dan de generieke indexering. Projecten lopen daardoor klem. Hoe kunnen de bewindslieden ervoor zorgen dat deze indexering beter gaat aansluiten bij de bouwkostenontwikkeling?
Nieuwe infra
Ook nieuwe aanlegprojecten blijven nodig. De afgelopen jaren is flink geïnvesteerd in lokale ontsluiting van woningbouw. Het zijn weer nieuwe verkeersbewegingen op de hoofdwegen. Daar moet de schop dus ook in de grond, zeg ik tegen de beoogde coalitie.
Verdeling provincies
Verschillende provincies, in het bijzonder die in het noorden en Zeeland, zijn teleurgesteld over het minimale aantal projecten voor woningbouw en mobiliteit dat is toegekend. Het gros van de middelen gaat naar de Randstad.
Hoezo ‘Elke regio telt’? Veel kleine en middelgrote projecten maken samen ook veel woningen, en qua inpassing eenvoudiger. Hoe kijken de bewindslieden hierop terug? Voor enkele grootschalige woningbouwprojecten in Hengelo, Enschede en Apeldoorn is wel gebiedsbudget toegekend, maar geen infrabudget. Zo gaan deze projecten toch niet van de grond komen? Wat is het perspectief hiervoor?
Knooppunt Hoevelaken
De Kamer heeft gezegd: aanpak van knooppunt Hoevelaken moet prioriteit krijgen, start in ieder geval met een gefaseerde aanpak. Nu ligt er een plan van aanpak voor de eerste stap, variant vier, maar zegt de minister: ik doe er niks mee tot er een stikstofoplossing is. Zo schiet het helemaal niet op. Stikstof is bijna overal een knelpunt. We kunnen toch niet overal met de armen over elkaar blijven zitten? Wil de minister, gezien de Gelderse stikstofaanpak en salderingsmogelijkheden, de voorbereidingen voor variant vier gewoon doorzetten?
Stations
De regio Zuidplas gaat aan de slag met onderzoek naar nut en noodzaak van een eventueel nieuw station Zuidplas-Westergouwe. Het Rijk ziet er weinig in en houdt zich afzijdig. Ik zie ook bij andere voorstellen voor stations, behalve bij de Oude Lijn, weinig enthousiasme. Eerder is een SGP-motie aangenomen om te kijken naar stations bij Barneveld-Noord en Stroe op de lijn Amersfoort-Apeldoorn aangenomen. Daar hoor ik weinig meer over. Als we mensen vanuit de auto in de trein willen krijgen, zullen we stations moeten bouwen, Maar ook uitbreiden, zoals in Deventer, of een intercitystatus geven, zoals bij Harderwijk en Utrecht-Lunetten. Zeker nu het wegennet steeds meer gaat vastlopen, neemt het belang hiervan toe. Waar blijft de proactieve inzet hiervoor? Die twee minuten tijdverlies voor de een is voor de ander het verschil tussen de auto of het ov, of zelfs tussen een baan of geen baan.
De SGP pleit voor versnelling van het realiseren van station Dordrecht-Leerpark. Er is budget beschikbaar, maar de aanleg wordt nu gekoppeld aan de ontwikkeling van station Dordrecht en de Oude Lijn. Dat betekent dat het maar zo naar achteren schuift. Wil de minister Dordrecht-Leerpark als apart project behandelen en zo snel mogelijk de paal in de grond slaan? Het zou echt helpen om de A15 wat te ontlasten. De noodzakelijke verbreding van die weg staat in de ijskast en zal nog op zich laten wachten.
Alternatieve variant NoordZuid-lijn
Een mogelijke verlenging van de NoordZuid-lijn, waar al geld voor gereserveerd staat, is een potentieel koekoeksjong. Het Kennisinstituut Mobiliteit en andere experts wijzen op de mogelijkheid van een andere aanpak in en rond Amsterdam. Ze suggereren hoog frequente metroverbindingen over bestaand spoor, het buiten de stad houden van intercity’s en deze in te zetten voor het vervoer over lange afstanden. Dan zou het aansluiten van het metronetwerk op het spoornet voldoende kunnen zijn in plaats van aanleg van een nieuwe metrolijn. Gaat de staatssecretaris deze variant meenemen in de onderzoeken die dit jaar plaatsvinden?
Spoor Gent-Terneuzen
Het spoor is niet alleen van belang voor vervoer van mensen, maar ook van goederen. In dit verband hoor ik graag waar het startbesluit voor verbetering en verlenging van het spoor tussen Terneuzen en Gent blijft. Het geld is gereserveerd, ook aan Vlaamse zijde. Het startschot voor dit project zou toch een mooi saluutschot zijn bij het aanstaande vertrek van onze staatssecretaris?
N-wegen
Het is vorige week ook al aan bod gekomen: we moeten door met investeren in onze N-wegen, voor verkeersveiligheid en doorstroming. Ik maak me zorgen over de gang van zaken bij onder meer de N35 en de N50. Bij de N50 Kampen-Ramspolbrug is sprake van een groot budgettekort. En als er voldoende budget is, blijkt opeens sprake van een tekort aan personeel. De projecten N35 en N50 worden daarom niet opgepakt. Hoe is deze afweging gemaakt? Het gaat hier ook over verkeersveiligheid.
Sowieso hoor ik vanuit verschillende regio’s terug dat ze geen inzicht krijgen in verdeling van capaciteit bij Rijkswaterstaat. Dat maakt het lastig om plannen en verwachtingen hierop af te stemmen en het gesprek daarover aan te gaan. Ik begrijp dat er overleg komt met provincies. Is het inderdaad de bedoeling de bestuurlijke partners meer inzicht te geven in de capaciteitsverdeling en hen beter mee te nemen in de afwegingen die gemaakt worden?
Tunnelwet
Zeeland is met haar eilanden gebaat bij goede calamiteitenroutes. De Vlaketunnel is daarbij een zwakke schakel. Er zijn daar regelmatig stremmingen. Goed dat de minister met Zeeland kijkt naar de aanleg van calamiteitendoorsteken. Tegelijkertijd schrijft hij erbij: ‘binnen de kaders van de Tunnelwet’. Die zegt dat tweerichtingsverkeer in een tunnelbuis niet mag. Dat betekent dat de grootste kans, doorsteek van de ene naar de andere kant van de snelweg, gemist wordt. Is de minister bereid die wet zo nodig aan te passen? Bij tijdelijk tweerichtingsverkeer kun je de veiligheid borgen door snelheidsaanpassing. Europese regels bieden deze ruimte.
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen
Auteur: SGP / Chris Stoffer
Web: www.sgp.nl

